Het is niets nieuws dat de bouwsector te maken heeft met een verscheidenheid aan gevaren, maar een groeiend aantal branden op bouwterreinen vestigt de aandacht op dit specifieke risico in de bouw.

Tussen 2010 en 2015 reageerden brandweerlieden gemiddeld op meer dan 10 branden per dag in gebouwen in aanbouw in de VS.1 Die branden leidden tot 172 miljoen dollar aan directe materiële schade, eisten vijf levens en verwondden 51 mensen. Risk Control-professionals hebben de laatste jaren een stijgende trend van aanzienlijke brandverliezen op bouwplaatsen vastgesteld, naarmate de bouwactiviteit in de VS is toegenomen.

Branden kunnen op elk bouwproject voorkomen. Maar nu er meer houtskeletbouwconstructies worden gebouwd, zien we een toename van het aantal brandverliezen tijdens de bouw. Deze constructies zijn bijzonder gevoelig voor brand.

Branden tijdens de bouw kunnen zich snel uitbreiden, vooral wanneer er nog geen sprinklers zijn geïnstalleerd of geactiveerd, en er andere brandbare materialen aanwezig zijn.

Omdat de muren vaak nog niet af zijn, kunnen lege ruimtes tijdens een brand een windtunneleffect veroorzaken, waardoor de vlammen toenemen. Brandweerlieden kunnen soms niet veilig onafgewerkte gebouwen binnengaan, die soms onbeschermde trappenhuizen en andere gevaarlijke omstandigheden hebben. Vaak moeten zij een defensieve houding aannemen om de brand tot de bouwplaats te beperken.

Brandrisico’s tijdens de bouw

Er zijn verschillende veel voorkomende oorzaken van brand tijdens het bouwproces. Voorbeelden zijn:

Heet werk. Heet werk vormt een aanzienlijk risico omdat het ontstekingsbronnen kan introduceren in veel gebieden van de bouwplaats. Zelfs vele uren nadat lassen, solderen, slijpen of ander heet werk is voltooid, kan een vonk smeulen en brandbare stoffen doen ontvlammen, soms nadat de bemanning de avond al heeft verlaten. Het invoeren van een vergunningensysteem voor heet werk, met een speciale brandwacht, een afkoelperiode van minimaal 30 minuten en het aanstellen van een programmamanager brandpreventie om toezicht te houden op de werkzaamheden, kunnen helpen om branden te voorkomen.

Leestip: Keuring Brandslanghaspels | Controle & Onderhoud: volgens NEN 671-3

Tijdelijke verwarmingstoestellen. Alle tijdelijke verwarmers moeten UL-gecertificeerd zijn en volgens de instructies van de fabrikant worden gebruikt. Blijf op veilige afstand van brandbare materialen en sta nooit toe dat anderen zonder toestemming tijdelijke verwarmers meenemen naar het werkterrein. De verwarmingstoestellen moeten tijdens het gebruik door werknemers of bewakers worden gecontroleerd op veilige werking.

Brandstichting. Onbeveiligde bouwterreinen kunnen het risico lopen op vandalisme, diefstal en brandstichting. Een gelaagde aanpak van de beveiliging, met inbegrip van controles van de perimeter, omheiningen, verlichting, elektronische inbraakdetectiesystemen en bewakers die na uren dienst hebben, kan het risico van onbevoegde toegang tot de bouwplaats helpen verminderen.

Roken. Roken vormt een ernstig brandrisico op elke bouwplaats. Een strikt rookverbod dat duidelijk wordt gecommuniceerd naar alle werknemers en onderaannemers en een aangewezen veilige rookzone helpen het risico op brand als gevolg van as of onzorgvuldig weggegooide sigaretten te voorkomen.

Brandbare en ontvlambare materialen. Alle ontvlambare en brandbare vloeistoffen en gassen moeten zo worden gebruikt en opgeslagen dat ze geen brandgevaar opleveren voor de bouwplaats. Beperk de hoeveelheid brandbare en ontvlambare materialen in het gebouw in aanbouw en wijs veilige opslagplaatsen aan.

Koken. Hoewel een pauzeruimte op de bouwplaats aanvaardbaar is, mogen werknemers geen kookapparatuur, zoals grills, kookplaten of kleine microgolfovens, meenemen naar de bouwplaats.

Tijdelijke elektriciteit en verlichting. Alle tijdelijke elektrische dienstverlichting moet worden geïnstalleerd in overeenstemming met de normen van de National Electric Code. Systemen en verlichting moeten worden onderhouden en regelmatig worden geïnspecteerd door de elektriciteitsaannemer.

Tip: brandwacht huren

Oplaadbare lithium-ion batterijen. Draadloos gereedschap en andere apparatuur die op batterijen werkt, kunnen oververhit raken en brand veroorzaken. Laadstations moeten zich buiten het gebouw in aanbouw bevinden en op een veilige plaats worden opgeslagen.

Gebrek aan brandbeveiliging. Tot de sprinklers geactiveerd zijn, kunnen brandblussers verspreid over het terrein, standpijpen voor brandbestrijdingsapparatuur en geïdentificeerde nabijheid van brandkranen die zich het dichtst bij het werkterrein bevinden, de brandweerlieden ook helpen om branden in te dammen en de schade te beperken. Indien aanwezig, moeten de automatische sprinklers zo snel mogelijk worden geactiveerd als de bouw vordert.

Het volgen van de norm van de National Fire Protection Association voor brandpreventie tijdens de bouw, NFPA 241 (Norm voor het beveiligen van bouw-, aanpassings- en sloopwerkzaamheden) kan helpen brandrisicofactoren in verband met de bouw te verminderen.